Je bent hier:  nl  /  Blog  /  5. De drie geldkwaliteiten

5. De drie geldkwaliteiten

Laten we nog eens op een andere manier naar geld kijken en ons de vraag stellen: wat kun je er eigenlijk mee doen?

 

In het dagelijks leven gebruiken we geld in de eerste plaats om er dingen mee te kopen; we hebben immers voedsel nodig, kleding, een dak boven ons hoofd enzovoort. Met geld kopen we de zaken die we nodig hebben om te leven. Wanneer je zou vervolgen wat dit geld in de samenleving voor effect heeft, kun je zien dat dit geld de economische productie mogelijk maakt. Dankzij het feit dat mensen dagelijks allerlei zaken kopen die ze nodig hebben (en niet nodig hebben), is het mogelijk (en nodig!) dat de economische productie in gang blijft. Met dit geld, we kunnen het koopgeld noemen, maken we het dus mogelijk dat er geproduceerd wordt wat wij nodig hebben.

 

Wanneer ik meer geld heb dan ik nodig heb om spullen van te kopen, of wanneer ik er vanaf zie om bepaalde spullen te kopen, ontstaat er een ‘spaarpotje’: geld dat ik zelf niet (direct) gebruik of nodig heb. Ik kan dit geld ‘naar de bank brengen’, het op een spaarrekening zetten. Wat gebeurt er vervolgens met dit geld? De bank leent het direct uit (en in werkelijkheid zelfs meer, namelijk circa 14 keer meer dan ik spaar). Dit geld, we noemen het ‘leengeld’, wordt uitgeleend aan ondernemers die er hun investeringen mee kunnen betalen: een uitbreiding, een nieuwe vestiging, een nieuwe productielijn of wat dan ook. Leengeld maakt investeringen in de economie mogelijk en zorgt er daarmee voor dat de economie zich voortdurend kan vernieuwen en ontwikkelen - want dat is wat er feitelijk gebeurt wanneer er in de economie geïnvesteerd wordt. Wanneer de economie werkelijk gericht is (gericht zou zijn) op het vervullen van de behoeften van de mens, is het voor ieder van belang dat er steeds in de economie geïnvesteerd kan worden.

 

En dan is er nog iets anders dat we met geld kunnen doen: we kunnen het besteden aan iets waar we in eerste instantie niets van terugzien, oftewel we kunnen het wegschenken. We schenken het aan een leraar, een arts, een priester, een kunstenaar of een wetenschapper, opdat zij kunnen doen waar ze goed in zijn. Voor dit geld, dat we ‘schenkgeld’ noemen, krijgen we niets tastbaars terug. We ruilen het niet tegen een economische waarde. Toch kan dit geld heel goed besteed zijn: dit geld, schenkgeld, maakt het namelijk mogelijk dat mensen zich ontwikkelen, dat wetenschap, kunst of onderwijs bloeien en daarmee de mens in zijn ontwikkeling stimuleren en de samenleving in zijn geheel bevruchten.

 

Koopgeld maakt het mogelijk dat het economisch proces voortgaat.

Leengeld maakt het mogelijk dat de economie zich vernieuwt en uitbreidt.

Schenkgeld maakt ontwikkeling mogelijk.

Dit zijn de drie ‘kwaliteiten’ van geld.

 

John Hogervorst

april 2014


John  |  2014 04 16  |  Permalink  |  Delen

Reageer

naam *
e-mailadres
reactie *
spam bescherming *
* = verplicht

 

Meld je aan voor onze nieuwsbrief

 

 

Heb je een suggestie, tip, opmerking of vraag? Mail ons!

 

 

Vernieuwende ideeën over de inrichting van de samenleving zijn meer dan nodig. Klik hier voor een groeiende collectie artikelen.

 

 

Like Summer Foundation

op Facebook

 

 

 

Volg Summer Foundation

op Twitter

 

 

 

Volg Summer Foundation

op

 

 

Volg Summer Foundation

op LinkedIn

 

 

Summer Foundation streeft naar een vrije, gelijke en solidaire samenleving. Meer hierover...